Trigger
Status, datum, wijziging of formulier.
Workflows zijn zinvol wanneer een gebeurtenis voorspelbaar tot een vervolgactie leidt en medewerkers niet telkens hoeven te onthouden wat hierna moet gebeuren.

SolvCRM+-workflows kunnen status, formulieren, data en gebeurtenissen gebruiken om taken, meldingen of vervolgprocessen gecontroleerd te starten.
Status, datum, wijziging of formulier.
Bepaal wanneer de regel wel of niet geldt.
Taak, notificatie, document of status.
Log resultaat en uitzonderingen.
Een losse workflows-oplossing kan lokaal goed werken, maar veroorzaakt extra overdracht wanneer de informatie daarna opnieuw nodig is in andere afdelingen.
Een offerte boven een bepaald bedrag moet altijd worden goedgekeurd, maar die controle gebeurt nu alleen wanneer iemand eraan denkt.
Een goede inrichting maakt duidelijk welke gegevens leidend zijn, wie ze beheert en welke volgende stap automatisch of gecontroleerd mag starten. Zo wordt Workflows onderdeel van de bedrijfsvoering in plaats van een los softwareonderdeel.

De kracht van workflows binnen ERP is dat dezelfde gegevens bruikbaar blijven voor de processen vóór en na deze stap.
SolvCRM+ kan rollen, statussen, formulieren, rechten, automatiseringen en koppelingen per proces ondersteunen. Daardoor hoeft niet iedere afdeling dezelfde interface of dezelfde stappen te gebruiken.
De invoering kan gefaseerd: eerst de kerngegevens en overdracht, daarna automatisering, rapportage en aanvullende modules. Bestaande software blijft waar dat functioneel of financieel logisch is.

Een offerte boven een bepaald bedrag moet altijd worden goedgekeurd, maar die controle gebeurt nu alleen wanneer iemand eraan denkt.
Een procesmoment treedt op.
Controleer voorwaarden.
Voer gestandaardiseerde vervolgactie uit.
Maak zichtbaar wat automatisch is gebeurd.
Ja. Begin met het proces waar de meeste overdracht, dubbele invoer of afhankelijkheid zit. Breid daarna uit zodra data, rollen en werkwijze stabiel zijn.
Nee. Bestaande boekhouding, Microsoft 365, webshops of specialistische applicaties kunnen blijven waar dat logisch is. De gewenste informatie-uitwisseling bepaalt welke koppelingen nodig zijn.
Niet het aantal functies, maar één betrouwbare informatiestroom. Gegevens moeten bij de bron worden vastgelegd en daarna bruikbaar blijven voor de volgende processtap.
Gebruik de ERP-scan of configurator om eerst uw huidige situatie, gewenste modules en systemen die moeten blijven in kaart te brengen.